In dit interview spreken we met Marijn. Marijn is sinds 3 maanden hematoloog. Ze is werkzaam in het Amsterdam UMC (locatie AMC en VUmc). Ze vertelt over haar opleiding tot hematoloog en hoe een dag als hematoloog eruitziet. Ook wil ze nog wat meegeven aan patiënten.
Tijdens mijn opleiding geneeskunde heb ik veel onderzoek gedaan naar bloed en daarnaast vond ik veel patiëntencontact erg leuk. Dus toen ging ik mezelf afvragen wat voor een dokter ik wilde worden en kwam ik erachter dat een langdurige band met patiënten belangrijk voor mij is. Als je mensen vaker per jaar terug gaat zien, kun je elkaar een beetje leren kennen en een band opbouwen. Daarom heb ik na mijn promotieonderzoek gesolliciteerd naar een opleidingsplek bij de interne geneeskunde. Na 4 jaar algemene interne geneeskunde mocht ik een subspecialisme kiezen en dat werd hematologie. Je hebt als hematoloog veel contacten met de patiënten en als jij je best doet, kan je echt meer betekenen voor mensen. Ook is het heel dynamisch werk, met steeds weer nieuwe mogelijkheden, dus deze combinatie was perfect voor mij.
Om hematoloog te worden, volg je eerst de opleiding geneeskunde. De opleiding duurt in totaal 6 jaar. De eerste 3 jaar bestaat vooral uit theorie en de laatste 3 jaar loop je ook coschappen zodat je met alle specialisaties kennis kan maken. Na deze 6 jaar ben je afgestudeerd en ben je basisarts zonder specialisatie; oftewel een volwaardige dokter die patiënten mag zien, medicijnen mag voorschrijven en meer. Als basisarts ben je nog niet gespecialiseerd en word je dus ook wel een 'anios' genoemd: een arts niet in opleiding tot specialist. Basisartsen mogen dus wel al veel zelf, maar om de kwaliteit van de zorg te waarborgen, overleg je als basisarts veel met een gespecialiseerde arts.
Als je je als basisarts verder wil specialiseren, doe je nog een 6-jarige specialisatie. In mijn geval dus in interne geneeskunde, met de subspecialisatie in hematologie. Je wordt dan een 'aios' genoemd: een arts in opleiding tot specialist. Tijdens je specialisatie moet je voldoen aan een opleidingsplan, waarbij alle onderdelen moeten worden uitgevoerd en worden behaald. Je wordt dus als aios steeds zelfstandiger, maar nog altijd zijn er overlegmomenten met iemand die al specialist is. Deze overleggen zijn goed om elkaar scherp te houden en om ervoor te zorgen dat altijd dezelfde kwaliteit zorg wordt geleverd, of je als patiënt nu een specialist of een specialist in opleiding treft.
Als je alle onderdelen van je specialisatie succesvol hebt afgerond, kun je je titel als hematoloog aanvragen. Vanaf dan mag je jezelf ook pas hematoloog noemen. Maar ook na het behalen van je titel blijf je altijd cursussen en nascholingen volgen. Een hematoloog is dus nooit klaar met leren en studeren!
De opleiding geneeskunde is altijd verbonden aan een academisch ziekenhuis. In mijn tijd mocht je zelf kiezen bij welke universiteit je dat wilde doen, als je je eindexamen met een 8 of hoger had behaald. Ik wilde de leukste universiteit kiezen om geneeskunde te gaan studeren. De opleiding die de UvA aanbood leek me interessant en leuk. Ook vond ik Amsterdam een leuke stad, dus zo ben ik daar terecht gekomen. Toen ik voor mijn specialisatie opnieuw moest gaan solliciteren, heb ik weer voor een plek in het AMC in Amsterdam gesolliciteerd. Na al die jaren studeren in Amsterdam, was ik goed gewend in de grote stad en ben ik er gebleven.
De dag begint met het bespreken en oplossen van acute problemen. Daarna vindt de algemene interne overdracht plaats. Vervolgens zijn de polibespreking en de polivoorbereidingen. Dan is de afdelingssupervisie. Tijdens de afdelingssupervisie loop je samen met de zaaldokters de klachten, medicijnen en dossiers door van de patiënten waarvoor jij verantwoordelijk bent.
Daarna is de lunch en volgen de poligesprekken. Die gesprekken duren 20 minuten per patiënt en gaan over verschillende zaken. Bijvoorbeeld, een patiënt die een BCR-ABL waarde heeft geprikt en die nu komt bespreken met de hematoloog. Daarna ben ik nog bezig met overleggen, administratie en ga ik nog even terug naar de afdeling. Ik probeer om 17.45 het ziekenhuis te verlaten, maar dan moet ik vaak 's avonds nog wat dingen voorbereiden, nalopen of opzoeken.
Ook worden er nachtdiensten gedraaid als hematoloog, maar je bent niet in het ziekenhuis zelf aanwezig. Bij een nachtdienst moet je bereikbaar zijn voor artsen uit het gehele ziekenhuis en verpleegkundigen van de afdeling hematologie, zodat ze je kunnen bellen om vragen te stellen en samen beleid te maken.
Ik wil twee dingen meegeven aan patiënten:
Ten eerste dat arts-assistenten afgestudeerde dokters zijn. Arts-assistenten zijn basisartsen en hebben dus 6 jaar geneeskunde gestudeerd en hebben vaak al wat jaren ervaringen. De term 'arts-assistent' is niet goed gekozen en schrikt sommige mensen af, maar dat is niet nodig want het zijn echte dokters die je graag willen helpen. Dus sta hier ook voor open.
Ten tweede zijn medicijnen echt belangrijk. Het is jouw leven, dus zorg ervoor dat je weet welke medicijnen je slikt en bij je hebt. Neem een lijstje (op papier of in je telefoon) mee of gebruik hiervoor de CMyLife-app, zodat wij weten welke medicijnen je slikt als er iets (onverwachts) met je gebeurt. Als wij weten welke medicijnen je gebruikt, kunnen wij jou het beste helpen.