Partner

Wat je moet weten over vermoeidheid

Je kunt spreken van een overheersend gevoel van uitputting en verminderde capaciteit voor lichamelijke en psychische inspanning. Typerend bij vermoeidheid in dit kader is dat het plotseling kan optreden en zonder waarschuwing. Ook is het vaak niet gekoppeld aan een bepaalde inspanning en kan het extreem zijn en kan het langer duren dan `normaal’ voor je er weer bovenop bent, áls dat al gebeurt.

Hoe vaak komt het voor?

Dit zijn de cijfers: 90% van de kankerpatiënten is tijdens de behandeling vermoeid; Bij 25% wordt de vermoeidheid chronisch. (bron HDI)

Waar komt de vermoeidheid vandaan?

Je kunt spreken van `uitlokkende factoren’ zoals de ziekte zelf en de behandeling met TKI’s. Maar ook chemo-therapie, radiotherapie, een operatie of een stamceltransplantatie, een hormoontherapie of een andere behandeling met medicijnen zijn uitlokkende factoren voor vermoeidheid. Toch, op de lange duur, zijn het vaak de `in stand houdende factoren’ die een belangrijke rol spelen bij de last die je hebt van de vermoeidheid. Denk daarbij aan de psychische verwerking van de ziekte en de gevolgen, angst voor de periodieke labuitslagen, weinig vertrouwen meer in je lichaam, een verstoord slaap-waakritme, niet helpende gedachten of opvattingen over vermoeidheid, een verstoord activiteitenpatroon. Ook de verwachtingen naar- en van de omgeving spelen een rol.

Waar heeft vermoeidheid allemaal invloed op?

Vermoeidheid heeft invloed op je activiteiten, op je relaties, op je werk, je sociale contacten en dus je levensvreugde. Je kunt misschien niet meer alles doen wat je gewend was te doen. Maar ook je slaapkwaliteit kan eronder lijden, door onrust en/of piekeren. Je partnerrelatie kan veranderen omdat je geen zin meer in seks hebt of je kunt de aanrakingen niet verdragen. Het kan zijn dat je niet meer mee naar feestjes gaat vanwege de drukte, de overmaat aan prikkels of omdat je er van te voren al tegenop ziet. Je partner, je kinderen of anderen moeten rekening houden met je beperkte belastbaarheid enz. Je kunt daar boos over zijn of je er schuldig, verdrietig of somber door gaan voelen. Je omgeving kan ook verkeerde verwachtingen van je hebben. Bijvoorbeeld dat je nu weer oké bent; er is niets te zien aan je, dus het zal nu wel allemaal goed gaan? Het kan overigens best zijn dat je zelf naar je omgeving doet alsof het allemaal goed gaat en steeds over je grenzen gaat om zo normaal mogelijk mee te doen. Of je verwacht van jezelf dat je weer net zo veel moet kunnen als voor dat je ziek werd. Op je werk kun je misschien minder taken aan, of je hebt een slechte concentratie, je geheugen laat je in de steek, je bent te moe om te reizen of de uren te werken die je gewend was. Hoewel je dat allemaal echt zo kunt ervaren, kan het zijn dat veel van deze voorbeelden voortkomen uit niet helpende gedachten en overtuigingen. Door deze gedachten te leren beïnvloeden kan je meer controle krijgen op je vermoeidheid.

Deze informatie is geschreven door Joyce Vermeer zij is systeemtherapeut bij het Helen Dowling Instituut en voert daarnaast een kleine eigen praktijk.